BLOG: Zondagmorgen iets over acht

Getuigenissen 12/02/2019

Cédric Raskin doet voor de derde keer op rij mee aan Tournée Minérale. Tijdens de campagne schrijft hij elke week een blog over zijn ervaringen.

Ik ruik het aan haar haar. Alsof de sigarettenrook uit haar opgesteven permanent kringelt. Of uit de vacht van de poedel die ze kordaat tegen haar boezem klemt. Ze staat voor mij in de rij van de bakker, het is zondagmorgen iets over acht. Pas als ze luidruchtig haar bestelling doet, één pistolet en drie koeken met vanille, ontwaar ik dat ze al een aperitiefje heeft gedronken. En met mij het voltallige bakkerspersoneel.

Dat heb ik altijd. Doe ik een periode zonder drank, dan ruik ik veel bewuster elke wasem alcohol rondom mij. En ik zeg het niet graag, maar alcohol stinkt. Zeker ‘s morgens wanneer je neus de omgeving afspeurt naar sporen van koffie en vers brood. Maar ook ’s middags wanneer je een oudere heer met hoed en wandelstok de straat helpt oversteken nadat hij heel de ochtend alleen op café heeft doorgebracht, ‘om de gazet te lezen’. En ook ’s avonds in de bus wanneer een beschonken voetbalsupporter iets te dicht tegen je aan komt schurken.

Zoals gewoonlijk

Je staat er pas bij stil wanneer het plots tot je doordringt. Tot op dat moment vind je het volstrekt normaal. Dat je elke avond bij het diner een nieuwe fles wijn ontkurkt, alleen of met zijn twee. Dat een gezellige tv-avond niet mogelijk is zonder warme pantoffels en koud abdijbier. Dat een klein druppeltje voor het slapengaan zorgt voor een verkwikkende nachtrust en zoete dromen. Enkel ’s morgens is alcohol not done, want je bent toch geen alcoholieker, zeker?

Ik herken het bij mezelf. Toen ik vroeger thuiskwam van het werk begon ik mijn avond met quality time. Een pintje uit de koelkast, een elpee van Bob Dylan en wat bladeren in een kunstboek. De elpees veranderden, de lectuur ook, het pintje bleef. De kracht van het ritueel. Pas wanneer ik voor de zoveelste keer mijn lege bak Jupiler op de bagagedrager van mijn fiets vastbond, werd het patroon mij duidelijk. Misschien toch maar eens overschakelen op appelsap?

Willy

Twee straten verder woont Willy. Willy draagt liefst een trainingsbroek, want die volgt zonder knellen zijn fysieke groei. Ik zie hem soms in het park, dan kijkt hij naar de bladeren op de grond tot ik hem vriendelijk toelach en hij knikt dan kort terug. Willy heeft het niet makkelijk, vertrouwde hij me eens toe. Sinds zijn vrouw van hem weg ging, kon hij zich moeilijker concentreren op zijn werk en kreeg hij op een dag zonder reden zijn ontslag. Het moeilijkst vond hij om op zijn laatste dag zijn flessen drank voor de ogen van zijn collega’s in kartonnen dozen te laden.

Of ik dit jaar weer meedoe aan Tournée Minérale? Van ons laatste gesprek twee jaar geleden is dát wat hij heeft onthouden. Want Willy is weer nuchter. Zijn Tournée Minérale is al zo’n half jaar bezig, zegt hij fier. Het geeft hem zijn job niet terug en ook de liefde laat nog op zich wachten - ‘je weet hoe vrouwen zijn’ - maar hij hervond wel zijn brede glimlach en genoeg zelfvertrouwen om weer met mensen te praten.

Uiteraard doe ik weer mee. Meer zelfs, ik vertel Willy dat ik dit jaar ook elke week over mijn ervaringen schrijf op de website. Dat hij die dan kan lezen op zijn computer thuis. Bijzonder diep onder de indruk is Willy niet. Eén maand ervaring, bah, hij is al veel langer bezig, vijf maanden om precies te zijn. Hij toont zijn vijf vingers. En daar gaan er nog evenveel bijkomen, minstens. ’Schrijf dát maar op uw website.’

Het begin van een traditie

Februari duurt nog even, toch smaakt deze derde tournée me voorlopig beter dan de eerste twee. Drie is het begin van een traditie. Het nieuwe is eraf, alle flesjes verleiding zijn kundig verstopt, ik begin er zowaar bewust van te genieten. Het blijft wel vreemd om op de menukaart te bladeren naar de minder gekende pagina’s helemaal achteraan, maar het is het waard.

Niet alleen mijn helder hoofd, ook mijn lichaam is me dankbaar. Mijn lever op vakantie stuurt me elke week een selfie uit Ibiza door. Mijn sporadische katers krijgen allen opvang in het asiel. En mijn darmflora zijn al in de waan dat de lente is aangebroken. Ik word hier zowaar vrolijk van. Niks halfleeg: ook al is het maar kraantjeswater, mijn glas is nog steeds halfvol. Schol!

 

 

Terug naar overzicht